Tijgerpython

Dierenweetjes.be

De tijgerpython - Alle reptielen

De tijgerpython is een wurgslang die behoort tot één van de langste slangensoorten ter wereld. Ze komen voornamelijk voor in Zuid-Azië en worden beschouwd als een vande zwaarste slangensoort ter wereld.

 

Kenmerken

De tijgerpython is te kenmerken aan zijn lange lichaam dat tot wel 7 meter lang kan worden. De kleur van het lichaam van deze slang is lichtbruin of grijs met daarop donkerbruine tekeningen. De kop heeft een donkergekleurde pijlvormige tekening.

 

Over het algemeen worden de vrouwtjes groter dan de mannetjes.

 

 

Voeding en leefgebied

De tijgerpython leeft voornamelijk in droge gebieden in Zuid-Azië.De voeding van deze slangensoort bestaat voornamelijk uit zoogdieren en vogels. Ze brengen hun prooi om het leven door wurging.

Wanneer ze zich bedreigd voelen sissen ze en zullen ze aanvallen en bijten.

Extra weetjes over de tijgerpython

 

  • De tijgerpython behoort met zijn 7 meter dus tot een van de grootste slangen ter wereld.
  • Het vrouwtje wordt dan weer iets groter dan het mannetje.
  • De tijgerpython is naast een van de langste slangen ook een van de populairste slangen. Dit komt omdat hij over de gehele wereld gebruikt wordt om publiek te vermaken. (circussen en andere acts)
  • Zijn fraaie tekening biedt in zijn natuurlijke omgeving een goede camouflage.
  • Je kan het soors goed herkennen aan het pijlvormige patroon bovenop de kop is. Dit is dan ook kenmerkend voor deze soort.
  • De tijgerpython is net als alle andere pythons een wurgslang.
  • Hij wurgt zijn prooi dus door er zich omheen te winden.
  • De tijgerpython kan ook bijten. De slang is wel niet giftig.
  • Het dier gaat vooral 's nachts jagen.
  • De slang heeft speciale warmtezintuigen om een prooi in het donker op te sporen. Deze warmtezintuigen bevinden zich in groeven bij de mond.
  • In een boomholte of kuil legt het vrouwtje per keer 18 tot 55 eieren.
  • Ze broedt de eieren zelf uit.
  • Zij heeft hier een speciale manier voor aangezien de slang koudbloedig is. Ze legt zich om het legsel heen en wanneer dit nodig is spant ze haar spieren op/ trilt ze met haar spieren om zo warmte te ontwikkelen.
  • De pythons behoren tot de oudste soorten slangen (samen met boa’s en anaconda’s)
  • Ze hebben daarom nog restanten van weg-geëvolueerde achterpoten. Deze vindt u terug naast de cloaca (geslachtsopening) en zijn zichtbaar als een soort nageltjes.
  • Als u een röntgenfoto van een python zou bekijken, zou u zien dat er in het lichaam van de slang nog enkele pootsegmenten aanwezig zijn.
  • De "pootjes" hebben uiteraard vandaag de dag geen functie meer bij de voortbeweging.
  • Ze worden nu voor iets anders gebruikt. Het mannetje gebruikt ze namelijk bij de paring om het vrouwtjes te stimuleren …
↑ Ga naar top van pagina ↑

Aangeraden door Dierenweetjes