Hart- en vaatziekten

Dierenweetjes.be

hart-en vaatziekten bij honden

Als we het hebben over hart- en vaatziekten (HVZ), spreken we eigenlijk over verschillende aandoeningen die het hart en het vaatstelsel aangaan. Hart- en vaatziekten is dus een algemene verzamelnaam. Enkele voorbeelden van deze aandoeningen die onder deze algemene noemer vallen zijn hartafwijkingen, Dilatoire cardiomyopathie, klepinsufficiëntie, mitraalinsufficiëntie, beroertes,

ischemische aanvallen (TIA) en slagaderverkalking , vernauwde aders... We kunnen al deze hart- en vaatziektes nog eens onderverdelen in verworven of aangeboren ziektes.

 

 

Algemene informatie over de aandoening

 

1. Hartaandoeningen/ Hartafwijkingen

Hartaandoeningen komen geregeld voor bij honden. 9 % van alle honden heeft naar schatting een hartaandoening. Van deze 9 % honden is er bij 95% sprake van een verworven/verkregen hartafwijking, bij de andere 5% is deze aangeboren. Een kwart van de honden hebben een ernstige hartafwijking.

Je kan in eerste instantie niet merken dat uw hond last heeft van een hartafwijking. Bij deze ziekte, moet het hart namelijk heel hard werken om normaal te kunnen functioneren. Als uw hond stress heeft, moet het hart nog eens extra hard werken. Dit kan dan leiden tot vermoeidheid, uitputting, gebrek aan lichaamsbeweging en niet veel vreugde. Maar ook na fysieke inspanningen kan u enkele signalen opvangen zoals een hoest of kortademigheid. Als uw hond schade heeft aan de hartkleppen en hartspieren, kan dit niet meer genezen. Je hond kan hier wel nog mee verder leven mits de juiste behandeling. Je laat je hond daarom best jaarlijks controleren bij je dierenarts. Zeker als je al een oudere hond hebt want deze oudere honden hebben namelijk een groter risico op hart- en vaatziekten. Hart- en vaatziekten kan je over het algemeen behandelen. Je kan ze behandelen met geneesmiddelen zoals bv. bloedverdunners, cholesterolverlagers of met een interventie zoals een bypasschirurgie, een dotterbehandeling of met aangepaste dieetmaatregelen en vermindering van fysieke activiteiten.

 

2. Beroerte/TIA: ischemische beroerte

Bij honden komen ook soortgelijke verschijnselen van beroertes voor. Een beroerte of herseninfarct ontstaat door een blokkade van een bloedvat in de hersenen. Door deze blokkade komt een deel van de hersenen zonder zuurstof en voedingsstoffen te zitten. Dit hersendeel gaat bijgevolg schade ondervinden en gaat minder functioneren of sterft zelfs af. Bij de hond komt een echt beroerte echter maar heel zelden voor maar het is niet uitgesloten.
Meestal is er bij honden sprake van een TIA. (Transient Ischaemic Attack= 'voorbijgaande belemmering in de bloedtoevoer'). Een TIA verschilt van een echte beroerte in het feit dat het tijdelijk is in tegenstelling tot beroerte waarbij sprake is van een blijvende beschadiging.

 

 

Symptomen

 

1. Hartafwijkingen

Bij een hartafwijking, zullen sommige honden geen symptomen vertonen, andere kunnen dan weer zeer ernstige symptomen vertonen. Het verschilt dus van hond tot hond en van de ernst van de aandoening.

De meest voorkomende symptomen zijn: een verminderd uithoudingsvermogen en hoesten.

 

1.1 Verminderd uithoudingsvermogen


Doordat het hart minder goed bloed kan rondpompen, kan er onvoldoende energie bij de organen en spieren komen. Hierdoor zullen deze organen en spieren van de hond sneller uitgeput raken. Het is ook mogelijk dat niet enkel de organen en spieren maar ook de hartspier zelf minder bloed en dus ook minder energie kan gaan krijgen. Uw hond kan hierdoor snel uitgeput raken tijdens intensieve fysieke inspanningen of last hebben van kortademigheid. Het is vaak zo dat het hart in rust al sneller zal moeten pompen om voldoende bloed in alle organen te krijgen. Het hart raakt hierdoor sneller uitgeput, dit kan dan ook slijtage tot gevolg heeft. Het hart moet al zo snel pompen in rust, dat het niet nog veel sneller kan hierdoor zijn echte uitbarstingen van energie, intensief spelen en rennen niet meer mogelijk. Uw hond kan dan ook slomer worden.

 

1.2 Hoesten, ook tijdens het slapen en in rust


Het hart kan onvoldoende druk opbouwen in de bloedcirculatie en onvoldoende bloed rondpompen door een hartspier aandoening of een klepafwijking. Hierdoor kan het voorkomen dat er bloed in de organen achterblijft. Dit treedt vooral bij de longen vaak op, dit heet longoedeem. Beter bekent als “vocht achter de longen”. Door de aandoening aan het hart, is deze niet meer sterk genoeg om al het bloed en vocht uit de longen weg te pompen, waardoor vocht zich ophoopt. Dit veroorzaakt dan weer dat uw hond kan gaan hoesten. Als uw hond rust is er meestal sprake van een vochtig onderdrukt hoestje. Het is ook mogelijk dat er vocht in de buik achterblijft, men spreekt dan van ascites. Je kan dit zien/merken wanneer uw hond plots een hele dikke buik krijgt. Het vocht kan ook in de weefsels blijven zitten, er ontstaan dan oedemen. Als dat het geval is, kan uw hond plots dikke poten krijgen.

 

andere symptomen zijn ook gewichtsverlies door slechte eetlust, flauwvallen en kortademigheid.

 

2. Beroerte/TIA: ischemische beroerte

Er kunnen verschillende symptomen waargenomen worden bij je hond in geval van een zeldzame beroerte of van een TIA: het kantelen van het hoofd, verlies van gewicht, bewegen in cirkels, omvallen, eten van één zijde van de etensbak, verkeerd reageren bij roepen van de naam, verwarring, depressie, blindheid, sloomheid, abrupte of een drastische verandering in gedrag, verlies van controle over de blaas of darmen en/of epileptische aanvallen. Dat er zoveel symptomen kunnen voorkomen ligt aan het feit dat de plek van de beschadiging bij een beroerte vaak verschilt.

 

Zo kan je een echte beroerte herkennen: Het kan zijn dat de aandoening start met krampen. Vervolgens valt de hond om en verliest hij zijn bewustzijn. De tong van uw hond kleurt hierbij donker en het oogwit rood. Wanneer uw hond bijkomt, lijdt hij aan verlammingsverschijnselen. Je moet uw hond in een donkere ruimte houden, zolang de aanval duurt.

 

 

Oorzaak

 

1. Hartafwijkingen

Bij hartproblemen zijn de belangrijkste oorzaken aandoeningen aan de hartkleppen en aan de hartspier. Een plotseling optredend hartinfarct komt bij de hond zelden voor. Bij honden is er namelijk meestal sprake van een langzaam (maanden tot jaren) verlopend ziektebeeld.

 

1.1 Problemen met de hartkleppen

De taak van de hartkleppen is ervoor zorgen dat het bloed in het hart de juiste richting in stroomt. Wanneer deze kleppen niet goed sluiten, kan het zijn dat er bloed de verkeerde kant op stroomt als het hart pompt, dit is een soort lekkage. We noemen dit een klepinsufficiëntie. Per hartslag wordt er dan minder bloed in de circulatie gepompt. Maar het lichaam heeft wel bloed en energie nodig. Het hart gaat dit dan ook compenseren door sneller beginnen te kloppen, om zo toch dezelfde hoeveelheid bloed en energie in het lichaam te krijgen. Je hond krijgt zo een verhoogde hartslag, ook in rusttoestand. In 70% van de gevallen van een verkregen klepafwijking is er sprake van een mitralisklep probleem. Deze mitralisklep zit tussen de linkerboezem en linkerkamer. Wanneer deze klep kapot is, wordt niet al het bloed uit het hart weggepompt, maar juist de verkeerde kant op gepompt: namelijk het hart in. Per pompcyclus gaat er dus minder bloed de circulatie in. Problemen met de mitralisklep of mitraalinsufficiëntie komt vooral voor bij kleine honden, zoals Yorkshire terriër, poedels, Cavalier King Charles spaniëls en Cocker spaniëls. Maar ook andere honden kunnen klepaandoeningen krijgen. Oudere honden vanaf 7 jaar hebben meer kans. De aandoening komt ook wat vaker voor bij reuen dan bij teven. Over het algemeen wordt een klepaandoening langzaam erger.

 

1.2 Problemen met de hartspier

Door de hartspier kan het hart bloed door het lichaam pompen onder druk. Als deze hartspier aangetast is, kan het hart minder krachtig bloed wegpompen en minder druk opbouwen, waardoor het bloed minder goed in de circulatie terecht komt. Deze aandoening waarbij de hartspier is aangetast noemt men cardiomyopathie. Doordat er minder druk is in het hart kunnen ook de aanwezige hartkleppen minder goed sluiten, waardoor er ook klepinsufficiëntie kan ontstaan. Dilatoire cardiomyopathie (hartspier aandoening) komt dan weer vooral bij grotere honden voor zoals de Dobermann, Deense dog, Ierse Wolfshond, Sint Bernard en Bull Mastiff en bij de Cocker spaniël komt de aandoening regelmatig voor. Cardiomyopathie komt meestal voor bij honden die tussen 4 en 10 jaar oud zijn. De aandoening verloopt vaak sneller dan de klepaandoening.

 

2. Beroerte/TIA: ischemische beroerte

Je hebt enkele mogelijke oorzaken van een beroerte bij honden zoals een hoofdtrauma (bijvoorbeeld na een aanrijding door een auto), eten van giftige stoffen
 of een onderliggende medische aandoeningen zoals het syndroom van Cushing, hartziekte, nierziekte, diabetes en hersentumors.

 

De oorzaak van een TIA is niet altijd bekend bij honden. De meest voorkomende oorzaak bij honden lijkt het perifeer (of geriatrisch) vestibulair syndroom, een beschadiging bij het evenwichtsorgaan. Voor een beroerte bij honden

 

 

Gevolg

 

1. Hartafwijkingen

Zoals je hierboven al kunt lezen, zijn er enkele gevolgen wanneer je hond zijn hart niet meer functioneert zoals het hoort. Het hart van je hond gaat zowel bij klepinsufficiëntie als bij cardiomyopathie harder moeten pompen/werken om dezelfde hoeveelheid bloed, energie tot in de organen, spieren te krijgen en om zo een normale bloedcirculatie te kunnen realiseren. Dit sneller slaan van het hart kan tot gevolg hebben dat er stoornissen in het ritme van het hart ontstaan. Hierdoor kan het zijn dat u dit dan ook aan uw hond merkt doordat hij sneller uitgeput is, kortademig is of hoest. Als uw hond lijdt aan een hartaandoening zal hij moeten behandeld worden. Als uw hond lijdt aan cardiomyopathie gaat hij nooit meer genezen want als het hart eenmaal aangetast is, zal de dierenarts alleen nog proberen het leven van je hond te verlengen. Als gevolg van de ziekte zal uw hond uiteindelijk sterven.

 

2. Beroerte/TIA: ischemische beroerte

Deze aandoening komt veel voor en verbetert ook meestal snel zonder behandeling. Bij de meeste dieren herstelt deze ziekte zich meestal spontaan. Een ernstige afwijking is echter niet uitgesloten. Vaak treedt al binnen 24-48 uur verbetering op, een volledig herstel duurt wel vaak langer. Wanneer er blijvende schade is ten gevolge van de ziekte kunnen er andere stappen ondernomen worden.

 

 

Behandeling

1. Hartafwijkingen

Wanneer er een diagnose is gesteld, kan men starten met eventuele medicijnen. Men kan nooit een hondenhart vervangen. Dit wil zeggen dat uw hond nooit van een hartaandoening geneest. De medicijnen zijn enkel ondersteunend en niet genezend. Maar deze medicijnen kunnen wel de kwaliteit van het leven duidelijk verbeteren en de levensduur verlengen. Naast medicijnen is verandering van levensstijl ook belangrijk. Wat moet u juist veranderen? U moet het rustiger aan doen met uw hond en goed op het gewicht van uw hond letten. Bij overgewicht moet het hart nog harder werken en dit moeten we vermijden.
Je moet ook nog regelmatig het hart laten controleren.

 

2. Beroerte/TIA: een ischemische beroerte

Zoals bij de meeste ziektes is een onderzoek door een dierenarts is de eerste stap. Zoals hier boven vermeld komt deze aandoening veel voor en verbetert ook meestal snel zonder therapie daarom, kan de dierenarts besluiten een afwachtende aanpak te volgen. De meeste dieren met deze aandoening herstellen meestal spontaan, Hoewel een ernstige afwijking niet geheel kan worden uitgesloten.

Wanneer er dus geen verbetering is kan men verder onderzoek uitvoeren in de vorm van een bloedonderzoek, CT-of MRI-scan, de laatste twee zijn echter wel dure onderzoeken.

Bij deze aandoening kiest men dan voor een ontstekingsremmer en antibioticakuur om een eventuele (niet bewezen) infectie tegen te gaan.

 

↑ Ga naar top van pagina ↑

Aangeraden door Dierenweetjes